Gedicht uit de fles deel 2


De strenge winter  1 maart 1929

 

Dit is een winter die ons lang zal heugen

Ook nog in laat’re d’uwe tijd

Wat ik hier schrijf, dat is geen leugen

Het valle ernst aan u geweid!

’t Begon met Nieuwjaar te vriezen

Zoo koud als ’t zelden is geweest

Wij hadden heel gauw in de smiezen

en zijn toen naar de Kerk gesjeest

Geen kou kon ons hier deeren

Geen armoe of ellend

C. Kok moest de kerk repareeren

De schilders met hun kwast present

Wij werkte eraan met zen achten

Vijf schilders en drie timmerlui

Toen kwam er plots één op de gedachte

En gaf aan ’t schilderen de brui

Hij zei: We moesten elk een versje schrijven

Dat het nageslacht dit lezen zal

Als iemand hier soms nog mocht vinden

Is ’t leven voor ons toch niemandal

 

Geschreven door Gerrit Brand

1 maart 1929

Geboren 1906 te Ammerstol

Schilder

 

p.s.

O nageslacht die dit geschrift zal lezen

Zal denken, die zullen er ook niet meer wezen

Gij zult onze gedichten misschien verachten

Maar denk erom  dat wij u wachten