Ammerstol-Israel

Toen wij – Ruth en Abel de Jong – in 1970 op Ammers kwamen wonen troffen we een echt levendig dorp aan. Het huis aan de dijk met de grillige acaciaboom voor de deur zou 18 jaar ons domicilie worden.We waren “vroege import”. Ammerstol was nog een echt links eiland in de rechtse zee. Onze drie oudste zonen, Saul, David en Gabriel zijn er geboren en we voelden ons opgenomen in het strijdbare en mooie Lekdorp. We hebben met hart en ziel meegedaan. Zo hebben we omstreeks de 1977 de Stichting Verontruste Dijkbewoners opgericht. Een goed idee om die stichting nieuw leven in te blazen. Het gaat opnieuw tegen een dijkversterkingsplan, nu uit de dolgedraaide computers van kille technocraten.

In 1988 zijn we voor bijna 3 jaar naar Israel vertrokken. Daar werd onze vierde zoon geboren, Boaz.

Na terugkomst in 1991 hebben we eerst onderdak gekregen van ds. Henk Haandrikman in het onderhuis van de voormalige pastorie. Ons eigen huis was bewoond door onze oudste zoon Saul met gezin en in het voorste gedeelte  Anna en Eugene met gezin die later in het oude Postkantoor zouden gaan wonen.

Later hebben wij een huis in de Gorcumse binnenstad gekocht. We woonden daar 16 jaar. Dat huis is twee jaar geleden weer verkocht, toen we het plan opvatten weer deels in Israel te gaan wonen. Daar kochten we in 1999 een huis in Peqi’in, een dorp in Galilea, dat bekend is om de vreedzame coexistentie van Droezen, Christenen, Moslims en Joden. Als ‘pied á terre’ hier in Nederland, hielden wij het voorhuis van onze oude Ammerse woning aan, dat in de afgelopen jaren verschillende huurders had gekend. Na een forse opknapbeurt en grondige inkrimping van onze huisraad, is er een warm nestje van gemaakt op het formaat van een ouder echtpaar waarvan de kinderen zijn uitgevlogen.

 

In mei 2007 stapten wij op de fiets richting Israel. Hoewel we de eindbestemming niet hebben gehaald, werd de tocht langs Rijn, Main en Donau een onvergetelijke ervaring. 250 km voor de Zwarte Zee in Bulgarije moesten we afhaken vanwege een hittegolf. De sleepboot ‘de Zwarte Zee’ die ons tegemoet voer bij het vml. Waagje onder de oude linden, toen wij over de dijk uit Ammers reden, had het ons al verteld wat de eindbestemming zou worden.

Aansluitend verbleven we toen tot januari 2008 in het oude Arabische huis in Israel. Weer terug op Ammers, kregen we alle gelegenheid om weer de oude kennissen en vrienden van toen op te zoeken. Mies en Jaap den Ouden, Mien Hoejenbos, Trina de Bot, Peter Zwetsloot, Elma van der Kraan, Piet Blanken, Ankie Kooij en nog vele anderen, maar we kregen ook nieuwe kennissen o.a. Gerjo en Marco, Frans IJsselstein, Henny en Leo Peper, Dirk en Amanda Horstink. Niet in de laatste plaats de koffieochtenden tijdens de vrijdagochtendmarkt, waren een gelegenheid mensen te ontmoeten. We waren verrast door de open sfeer die er kennelijk met de jaren in en rondom de kerk was ontstaan. De begrafenis van mijn vriendin Loes Zwetsloot was daar een sprekend voorbeeld van. De kerk op Ammers was een ontmoetingspunt geworden voor iedereen.

Met deze nieuwe verworvenheid op zak , stapten wij in juni 2008 weer op de fiets en ditmaal was ons reisdoel: Odessa in de Oekraine en weer was het de naam van een schip, dat ons tegemoet voer daar op de hoek. Ditmaal: ‘Thalassa’ wat de Griekse naam voor de Zwarte Zee is waar Odessa aan is gelegen.We fietsten met vogels als begeleiders, de koekkoek, de wielewaal en de raaf naar deze nog niet eens zo heel oude stad. Vandaar gingen we met de boot over de Zwarte Zee naar Istanbul en vandaar met het vliegtuig naar Israel, de fietsen aan boord mee.

Onder de hete zon, fietsten we van het vliegveld naar Tel Aviv, om onze zoon Gabriel, die daar baas is bij de Porsche dealer, te verrassen. En toen gingen we weer naar huis in Peqi’in. Het lag er uitstekend bij. Abu Sutki onze 85-jarige buurman, een Droezen-sheikh had met zijn gesluierde dochter Tsadikha goed opgelet en Ja’akov,onze mede Jood, had al onze planten en bomen water gegeven, een must, want het regent maar 4 maanden per jaar. Yasmine, de Christenbuurvrouw, huilde toen ze ons weer zag, en Hoeda, de pittabakster, moslima, stopte ons meteen vol met de flinterdunne broden, die gedoopt worden in labbene, een soort kwark van geitenmelk met verse olijfolie en za’atar, een mengsel van oregano, sesam en wilde besjes. ’s Avonds, tegen donker worden, hoorden we het weer, het lachende keffen van de jakhalzen in de bergen  en roken we  de vertrouwde lucht van versgebrande koffie, die de vrouwen op het dak onder de wijnstokken op het het dak van hun huis roosteren. Wijzelf gingen eerst even rusten en danken bij de grot naast ons huis, onder de oeroude Johannisbroodbomen. Danken voor de geweldige ervaringen die wij op de fietstocht mochten meemaken en onze behouden terugkeer in dit bijzondere dorp.

 

Nu wonen we weer op Lekdijk 124. We willen ieder jaar de helft van de tijd hier en de andere helft in ons huis in Israel doorbrengen. Waarom Israel? We zijn allebei Joods, dat is een. Verder: Israel is meer dan een land dat het altijd maar met z’n buren aan de stok heeft. Het is er mooi. De mensen zijn open en hartelijk. Het weer is er een flink deel van het jaar zoals we hier in Holland maar een paar weken per jaar meemaken. Overal is historie, vaak gecombineerd met wilde natuur, iets dat wij in Nederland al niet meer kennen.

 

Al dit moois en interessants zouden wij graag willen delen met anderen. Het plan is om ons huis open te stellen. Tegen een minimale vergoeding, kunnen mensen hier langere of kortere tijd verblijven. Mensen die om een of andere reden, een ‘time out’ in hun leven nodig hebben. Maar ook voor mensen, die het ‘andere’ Israel op deze unieke plek willen leren kennen. In de direkte omgeving liggen o.a. het Meer van Tiberias, Capernaum en het oeroude Akko aan de Middellandse Zee.

Via Luik kan je al voor 200 Euro (retour) all in naar ons toe komen.

Ben je geintereseerd geraakt, kom dan gerust bij ons langs met je vragen.

Tel. 355998 of E-mailadres: ruthdejonghotze@gmail.com

 

 

 

Ruth & Abel de Jong